Eenzame fietser

Na camping Les Etangs de Saint Pancras kwam het grote niets van de zuidelijke Vogezen en Lorraine). Ik begrijp nu een beetje hoe Napoleon zich gevoeld moet hebben op de Russische verschroeide aarde. Ik fietste kilometers langs, op zichzelf mooie, glooiende velden en dorpen, waaruit alles en iedereen leek te zijn weggetrokken. Geen winkel te bekennen, alle cafés gesloten.
Ik bereikte volgens mijn kaart het Bois de la Fagotière, een bos rond een verlaten landhuis aan een uitgedroogd meertje. Daar heb ik mijn tent opgeslagen en een aardappel met tomaat, ui en courgette gebakken.
Een fagot heb ik er niet gehoord, ’s nachts wel veel geroep van uilen. Daarboven stond een prachtige sterrenhemel.
De volgende dag was als de vorige: mooi maar verlaten. Waar zijn mensen als je ze nodig hebt?
Die trof ik in Bourmont. Daar hadden zich in een landhuis zeven vrienden (en een hond) verzameld die op doorreis waren naar een ander landgoed, in de Ardeche, mijn oorspronkelijke fietsdoel. In Bourmont hadden ze koud bier, en ’s avonds samen film kijken in de buitenlucht, één nacht geslapen in een gewoon bed

Één nacht weer eens in een bed
Bourmont (aan de Maas in Lorraine)