Zodra ik kracht op de pedalen zet, klinken er knerspende geluiden. In het dorpje Saignelégier wil een fietsenmaker, kleiner postuur dan ik, er wel naar kijken. Hij rijdt – met alle tassen erop en zonder het zadel lager te zetten – een stukje heen en weer over de drukke hoofdstraat. Ik vond het een slecht idee maar hij was de fiets meester. In de werkplaats moest alsnog de bagage eraf om beter te kunnen bekijken. Met de trapas bleek gelukkig niets mis maar de ketting is versleten. ‘Beaucoup trop longue’, zei de fietsenmaker. Maar hij wilde er geen nieuwe omleggen zonder ook de pignon en het voorblad te vervangen. Ik denk dat het te maken had met zijn beroepstrots. Alleen de ketting vervangen was géén optie. Daar valt iets voor te zeggen maar de onderdelen zouden besteld moeten worden en dat kon al met al een week duren. Het leek me daarom beter om de fietstocht dan maar met de oude ketting te continueren in de hoop er nog net mee thuis te kunnen komen.